Suïcidale gedachten ontstaan niet zomaar. Ze groeien vaak uit een diepe, langdurige onveiligheid en een gevoel van niet gezien of begrepen worden. Bij velen komt de emotionele en sociale gehechtheidsontwikkeling stil te staan in Ontwikkelingsfase 3 van de emotionele en sociale gehechtheid. In deze gehechtheidsfase is er sprake van hevige verlatingsangst, sterke hechtingsdrang en intense sociale angsten. Wanneer er niet wordt aangesloten bij deze fase, blijft de gehechtheidsontwikkeling stilstaan. Dit betekent dat iemand met autisme vaak nog volop in het gehechtheidsproces zit, ook als hij of zij een jongere of (jong)volwassene is.
Kalenderleeftijd versus gehechtheidsontwikkeling
Bij autisme en vele andere diagnoses loopt de ontwikkelingsleeftijd van de emotionele en sociale ontwikkeling en de ontwikkeling van de hechting ver achter: deze ontwikkelingsleeftijd is vaak nog maar één jaar. Bij een kind van één jaar begrijpen we dat het veilig moet kunnen hechten en dicht bij de ouders moet blijven. Maar bij een kind, jongere of (jong)volwassene met autisme met de ontwikkelingsleeftijd van één jaar en een goede cognitie, wordt juist het tegenovergestelde verwacht: loslaten, zelfstandigheid en doen wat er verwacht wordt. Terwijl eigenlijk hetzelfde nodig is. Naarmate het kind ouder wordt, wordt steeds meer afstand tot de ouders van hem of haar verwacht, althans dat is de maatschappelijke verwachting. Maar wat als iemand die stap zelf nog niet kan zetten en nog niet losgelaten kan worden?
Ouders voelen het vaak als eerste
Veel ouders voelen intuïtief aan dat iets te veel is voor hun kind. Ze proberen hun kind te beschermen en aan te sluiten bij wat het nodig heeft. Toch lopen ze vaak tegen muren op. Als een kind uitvalt op school, is er niet altijd begrip. De oorzaak wordt soms gezocht in de thuissituatie. Leerplicht, druk en in sommige gevallen zelfs Veilig Thuis of een ondertoezichtstelling kunnen het gevolg zijn. Ouders lopen tegen een muur op, het gezin komt onder spanning te staan, en het kind raakt steeds verder uitgeput.
Overleven op wilskracht
Velen houden zich staande met cognitieve trucjes: aanpassen, maskeren, doorgaan. Maar als een kind of jongere op is, kan het echt niet meer. Hij of zij is aan het overleven. Het trauma stapelt zich op. Het grootste trauma is het gevoel niet begrepen, gezien en gehoord te worden. Het gevolg: een gevoel van falen, het idee niet goed genoeg te zijn, niet begrepen te worden en een allesoverheersende eenzaamheid. Dan kan de wens er zijn om alleen nog maar rust te willen, rust voor altijd. Dit is een onvoorstelbare lijdensweg, zowel voor het kind als voor het hele gezin.
Ervaringsverhaal uit het boek Verbindingsvol Hechten
Neem bijvoorbeeld het verhaal van de moeder van Sanne:
“Onze dochter Sanne belandde in een uitzichtloze situatie. Ze deed een suïcidepoging en werd gedwongen opgenomen op de High Intensive Care van de GGZ. Daar raakte ze zo overweldigd dat ze niet meer kon lopen, niet meer kon praten en dissociaties kreeg. Haar opname duurde vierenhalve maand en de jaren erna volgden meerdere suïcidepogingen en gedwongen opnames.
Op 22-jarige leeftijd sprak Sanne haar wens uit om euthanasie te laten uitvoeren. Ze voelde dat het leven te zwaar was, dat niemand haar begreep en dat niemand haar kon helpen. Voor ons als ouders was dit een tijd van radeloosheid, verdriet en machteloosheid. We wilden haar zo graag helpen, maar wisten niet hoe.
Dankzij de Loekemeijermethode begreep ik voor het eerst waarom het zo slecht ging met Sanne en wat we konden doen om haar te helpen. Ik begon meteen met het geven van Actieve Nabijheid. Tijdens de opname was ik de hele dag bij Sanne: ik luisterde, toonde begrip en vertelde dat ik eindelijk begreep waarom ze zich zo voelde. Geen uitleg of oplossingen, gewoon mijn aanwezigheid.
Door mijn nabijheid voelde Sanne zich gehoord en veilig. Na enkele weken merkte ik dat ze zich weer aan mij hechtte en eenkennig werd, wat haar vertrouwen en mijn hoop terugbracht. Dankzij de Loekemeijermethode konden we onze band herstellen. Het gaf ons vertrouwen dat zelfs in de diepste wanhoop herstel mogelijk is door vertragen, nabijheid en begrip.
Stap voor stap gaat Sanne vooruit. Ze ervaart nu het leven weer aan te kunnen, in plaats van alleen te overleven. Haar euthanasiewens is steeds minder aanwezig. Ze voelt zich steeds meer verbonden met het leven, is blijer en kan de dag weer aan.”
Ouders: de vergeten schakel
Ouders zijn vaak de vergeten schakel in suïcidepreventie, terwijl zij juist cruciaal zijn. Zij zien de signalen, kennen hun kind en voelen intuïtief aan dat hun kind nog niet los kan worden gelaten en nabijheid en verbinding nodig heeft. Ouders kunnen alsnog het gehechtheidsproces met hun kind doorlopen. Het echte maatwerk begint bij samenwerking: samen rondom het kind staan en dezelfde taal spreken. De gehechtheidstaal. Daar is kennis voor nodig, kennis over hoe samen Actieve Nabijheid te geven.
Terug naar veiligheid, verbinding en nabijheid
Het begint bij teruggaan naar de veilige bubbel. Met Actieve Nabijheid kan er worden aangesloten bij de ontwikkelingsfasen van de emotionele en sociale gehechtheid. Pas daarna ontstaat ruimte voor echte groei en ontwikkeling, met vertrouwen de wijde wereld weer in kunnen gaan en het afnemen van suïcidegedachten.
Ontwikkelingsfase 3
In het midden van Ontwikkelingsfase 3 begint de Eenkennigheidsfase. Iemand voelt een sterke drang om steeds dicht bij deze persoon te zijn en ervaart hevige verlatingsangst. Als iemand in deze gehechtheidsfase stil blijft staan, blijft iemand eenkennig. Hij of zij kan zich blijven vastklampen aan de eerste gehechtheidspersoon.
Onthechting
Is er geen eerste gehechtheidspersoon die emotioneel beschikbaar is, dan kan onthechting plaatsvinden. Als dit gebeurt blijft iemand wel hechtingsdrang voelen en kan zich gaan hechten aan een persoon waarbij hij of zij zich gehoord, gezien en begrepen voelt. Ook kan iemand zich hechten aan dieren, voorwerpen of specifieke interesses. Soms trekt iemand zich helemaal terug. Voor een veilige hechting heb je een eerste gehechtheidspersoon nodig die emotioneel beschikbaar is én Actieve Nabijheid kan geven.
Angst voor vreemden
In Ontwikkelingsfase 3 ontwikkelt zich tegelijkertijd de Angst voor vreemden. Dit betekent dat iemand intense gevoelens van onveiligheid, stress, angst of zelfs fysieke klachten ervaart bij de aanwezigheid van mensen. Iedereen behalve de eerste gehechtheidspersoon wordt in deze fase als vreemd ervaren, ook al is er dagelijks contact en heeft diegene wel een band met hem of haar.
Overleven en gestapeld trauma
In Ontwikkelingsfase 3 is iemand door de hechtingsdrang, verlatingsangst en Angst voor vreemden voortdurend aan het overleven. Wordt er geen Actieve Nabijheid geboden door de eerste gehechtheidspersoon, dan kunnen trauma’s ontstaan en zich blijven opstapelen. Dit kan zich uiten in gedragingen zoals terugtrekken, dwang, depressie, verzamelwoede, genderidentiteit vraagstukken, ‘stalken’, suïcidegedachten, zelfbeschadiging, verslaving, woede-uitbarstingen en uitval op school of werk. De enige manier om deze gehechtheidsfase goed te doorlopen is het geven van Actieve Nabijheid door een eerste gehechtheidspersoon, ook al is iemand al ouder en een jongere of (jong)volwassene.