Toen Sanne in de tweede klas van het gymnasium zat, kreeg ze steeds meer fysieke klachten. Ze kon soms niet meer op haar benen staan en haar zicht verslechterde tijdelijk.
Na een val tijdens het skeeleren liep Sanne een flinke hersenschudding op. Hierna ging het verder bergafwaarts. Ze at steeds minder en ontwikkelde anorexia. In tien weken tijd viel ze twintig kilo af. Tijdens haar behandeling in een kliniek voor eetstoornissen ontstond het vermoeden dat ze autisme had.
Op haar zeventiende kreeg Sanne de diagnose autisme. Achteraf viel veel op zijn plek. Veel van haar gezondheidsklachten bleken samen te hangen met spanning doordat ze de wereld om haar heen niet goed begreep.
Na het gymnasium ging Sanne studeren en wonen in een studentenhuis met begeleiding voor jongeren met autisme. Ze stopte met haar studie vanwege een burn-out. Ze wilde naar een begeleid wonen voorziening bij ons in de buurt, in de hoop daar meer rust en begrip te vinden. Sanne vond het bij ons thuis te druk en voelde zich niet begrepen.
Na een paar weken ging het steeds slechter. Na maanden wachten op een behandeling was de situatie voor Sanne zo uitzichtloos geworden dat ze een suïcidepoging deed. Ze werd gedwongen opgenomen op de High Intensive Care (HIC) van de GGZ. We belandden in een nachtmerrie. Ze kon niet meer lopen, niet meer praten en de dissociaties begonnen. De opname duurde vierenhalve maand. In de jaren daarna volgden meerdere suïcidepogingen en daarmee ook meerdere gedwongen opname
Op 22-jarige leeftijd sprak Sanne tijdens een opname haar euthanasiewens uit. Ze voelde zich niet begrepen en zag geen uitweg meer. Wij waren radeloos, verdrietig en voelden ons ontzettend machteloos. We wilden haar zo graag helpen, maar wisten niet hoe.
Juist in die periode kwam er onverwacht een sprankje hoop. Ik las over de Loekemeijermethode en het bieden van Actieve Nabijheid: het mogelijk maken van emotionele en sociale gehechtheidsontwikkeling door nabijheid, begrip en veiligheid te bieden. Tijdens het lezen van het boek vielen de puzzelstukjes op hun plek. Voor het eerst begreep ik waarom eerdere behandelingen onvoldoende aansloten, waarom het zo slecht ging met Sanne en hoe we haar konden helpen.
In de week nadat ik het boek was gaan lezen, heb ik mijn bevindingen met de behandelaren gedeeld. Ik ben hun ontzettend dankbaar dat ze mij en de Loekemeijermethode direct serieus namen en mij hierin steunden. Je kunt alleen overtuigen als je zelf ergens van overtuigd bent. Ik was overtuigd van deze aanpak en ging er vol voor.
Ik ben Sanne meteen Actieve Nabijheid gaan geven op de High Intensive Care van de GGZ. Dit deed ik door overdag bij haar te zijn, naar haar te luisteren, begrip te tonen en haar uit te leggen dat ik eindelijk begreep waarom het niet goed met haar ging. Ik was er gewoon voor haar. Hierdoor voelde Sanne zich gehoord en begrepen. Ik merkte dat Sanne weer vertrouwen in mij kreeg. Door de jaren van begeleid wonen en de crisisopnames was ze van mij onthecht geraakt. Na een paar weken voelde ik dat ze zich weer aan mij had gehecht. Dit gaf mij zelfvertrouwen en hoop voor de toekomst.
Na de opname mocht Sanne niet meer terug keren naar de woonvoorziening waar ze woonde, omdat het te slecht met haar ging. Bij ons in huis vond Sanne het altijd al te druk. De voor ons normale huiselijke geluiden zoals de tv en onverwacht bezoek kon ze niet meer aan. We hebben toen een mantelzorgwoning voor haar gekocht. Het staat op ons weilandje, zo ver mogelijk bij de weg vandaan, met uitzicht over de weilanden.
Gedurende de eerste weken thuis was het nog heel moeilijk om de dagen goed door te komen. Sanne was gewend aan een strakke dagplanning: opstaan, aankleden, ontbijten, medicijnen innemen en een activiteit. Doordat zij dit zo gewend was, maakten we in het begin ook zo’n planning. Vaak hadden we die al vroeg op de dag doorlopen. Dat leverde stress op, ook bij mij. Bovendien lukte het niet altijd om alles af te vinken, wat Sanne extra spanning gaf.
Door Actieve Nabijheid te geven en samen te bedenken wat we zouden gaan doen, heeft ze zelf ervaren dat zo’n strakke planning niet werkt. Langzaam liet ze die steeds meer los. We drinken nu koffie wanneer het uitkomt en bedenken vaak spontaan wat we die dag gaan doen. De huishoudelijke klusjes en boodschappen verdeelt ze nog wel over de week, maar als iets een keer niet lukt, ervaart ze daar geen stress meer door.
Sanne voelt tegenwoordig zelf aan wanneer iets te veel wordt en geeft dat ook aan. Als iets toch te veel is geweest, herstelt ze nu snel. Het is makkelijker geworden om met haar over gevoelens te praten. Ze kan aangeven waar ze last van heeft, legt vaak zelf het verband met de oorzaak en bespreekt dit ook. Vroeger deed ze dat niet en bouwde de spanning zich op, met uitvalsverschijnselen als gevolg.
Sanne kan per dag steeds meer activiteiten aan en houdt deze ook langer vol. Ze kan veel beter omgaan met sensorische prikkels. Ze gaat zelfstandig op pad, staat open voor nieuwe activiteiten en wil zelf haar huishoudelijke klusjes doen en haar tuin onderhouden. Dagelijks gaat ze meerdere keren de deur uit voor boodschappen, sport, een wandeling of een bezoek aan vrienden.
We gaan samen naar de sportvereniging en dat doet haar erg goed. Het is inmiddels een vertrouwde omgeving geworden en ook de sociale contacten gaan veel beter. Sinds kort gaat ze er ook zelfstandig naartoe als ik een keer niet mee kan. Ik ben letterlijk van de ene op de andere dag niet meer zo nodig.
Gedurende de afgelopen vijftien maanden thuis hebben we ups en downs gehad. Maar nog steeds gaan we stap voor stap vooruit.
Toen Sanne verder kwam in haar ontwikkeling, werd de band met haar vader steeds hechter. Hij was niet alleen meer een steun voor mij, maar ook voor Sanne. Ze onderneemt steeds meer met hem en zit vaak samen met hem te vissen in de voortuin, terwijl ze vorig jaar niet eens in onze tuin kwam omdat het daar te druk was. Sanne is vaak bij ons in huis en eet regelmatig met ons mee.
Toen was er onverwacht een crisisopname nodig. We zagen dit niet aankomen. Ik gaf bij de GGZ aan dat ik bij Sanne zou blijven en we gingen samen de opname in. Het grote verschil met eerdere opnames was dat ze geen uitvalsverschijnselen, zelfbeschadiging of dissociaties had en met mij in contact bleef. Daardoor kon ik haar ook daar Actieve Nabijheid geven. Gelukkig herstelde ze snel en wilde ze weer naar huis. De psychiater zei: “Als moeder zegt dat het kan, dan kan het.”
In de weken daarna ging het snel beter en haar ontwikkeling zette door. Ze praatte meer over haar gevoelens, zorgde zelf voor haar huishoudelijke taken, bewaakte haar grenzen en nam op tijd rust. Sanne was vrolijk, ontspannen en maakte weer toekomstplannen.
Vijf maanden later volgde opnieuw een opname op de High Intensive Care van de GGZ. Sanne voelde zich niet gehoord en uitspraken van psychiaters raakten haar trauma’s. Daardoor ging het steeds slechter met haar. Ik voelde me uitgeput en machteloos, maar ben dankbaar voor de steun van de gehechtheidsspecialist. Ook tijdens deze opname bleef Sanne, op enkele zeer moeilijke momenten na, met mij in contact. Net als de vorige keer voelde ik wanneer het moment was om weer naar huis te gaan en daar verder te herstellen.
Sinds de laatste opname, veertien maanden geleden, heeft ze een therapeut die heeft gezien wat zij nodig heeft om zich verder te ontwikkelen. Daardoor heeft Sanne het afgelopen jaar mooie stappen gezet in haar ontwikkeling en is haar euthanasiewens verdwenen. Ze is blij en kan weer genieten.
Inmiddels werk ik niet meer, zodat ik er altijd voor Sanne kan zijn. We hebben gemerkt dat deze intensieve nabijheid nu nog heel belangrijk is. Ze is dankbaar voor alles wat we voor haar doen.
Voor traumatherapie is het nog veel te vroeg. Misschien is die straks ook niet meer nodig, omdat ze haar trauma’s zelf kan verwerken wanneer ze verder is in haar ontwikkeling.